Ik ben helemaal niet geïnteresseerd in rock and roll….

Cover Interview june 1978

Lisa Robinson schrijft al meer dan veertig jaar over populaire muziek en heeft zo’n beetje iedereen geïnterviewd die er in die wereld toe doet. John Lennon, Jay Z, Bono, Lady Gaga, Mick Jagger, Kanye West…het zijn slechts enkele namen. Recent had zij een uitgebreid interview met Rihanna voor Vanity Fair (met foto’s van Annie Leibowitz). Robinson staat er om bekend dat zij in staat is een vertrouwensband op te bouwen met haar ‘gasten’. Zo ook met David Bowie (1947 – 2016), die zij meerdere keren interviewde.
Bowie had in mei 1978 een optreden met het Orkest van Philadelphia verzorgd, waarbij hij de sprekende stem was in Prokofjev’s ‘Peter en de Wolf’. Een maand later sprak Robinson hem voor het maandblad Interview. Een aantal fragmenten daaruit:

ROBINSON: ‘Vind je dat je muziek meer avant-garde wordt? Minder rock and roll?’
BOWIE: ‘Ik denk niet dat het avant-garde is. Ik denk dat het muziek is die niet erg veel gespeeld wordt, en dat heet dan avant-garde. (…) Ik ben helemaal niet geïnteresseerd in rock and roll….’
ROBINSON: ‘Als je het podium opgaat, dan stap je de rock and roll wereld in.’
BOWIE: ‘Nee, dan ben ik gewoon David Bowie. Mick Jagger is rock and roll. Ik bedoel, ik ga erop uit en mijn muziek is grofweg in het format van rock and roll. Ik gebruik de akkoorden schema’s en het instrumentarium van rock and roll, maar ik voel mijzelf geen rock and roll artiest.’
En, verderop in het interview:
‘Ik was nooit van plan iets met rock and roll te doen; het wilde iets met mij. Maar als je het over mij en mijn werk hebt, ik ben behoorlijk serieus in alles wat ik doe, maar ik zie dat niet als iets dat met rock and roll heeft te maken. ’

Het is de periode tussen de albums ‘Heroes’ en ‘Lodger’ en Bowie heeft net een zakelijk geschil achter de rug met zijn voormalig management, waarbij hij miljoenen dollars kwijtraakte. Robinson zegt dat ze nauwelijks kan voorstellen dat hij zich zo heeft laten belazeren, omdat zij altijd dacht dat hij de touwtjes strak in handen had.

BOWIE: ‘Ik denk niet dat ik de mastermind ben, waar mensen mij voor houden. (…) Wat ik doe is vaak erg goed. Sommige dingen stinken, sommigen.’
ROBINSON: ‘Wat vind je niet goed?’
BOWIE: ‘Oh, ik vond ‘Aladdin Sane’ niet erg goed. ‘Diamond Dogs’ is geweldig, dat is nog steeds een van mijn favoriete albums. Stukjes en beetjes van ‘Station to Station’ zijn aardig. Ik ben nog niet zo zeker van ‘Young Americans’. Misschien houd ik er niet van. Ik houd van het meeste op ‘Ziggy Stardust’, ik houd van alles op ‘Low’ en het meeste op ‘Heroes’, behalve ‘The Secret Life of Arabia’ wat ik maar aan het eind heb gezet, omdat ik nog iets miste.’

Tot slot heeft Robinson het met hem over film en schilderen.
BOWIE: ‘Ik weet niet of ik goed kan schilderen, maar ik weet dat ik goed ben in wat ik in het openbaar doe. Ik ben een Steenbok, weet je, dus ik laat niets zien totdat ik het gevoel heb dat ik er iets van terecht breng. Ik ga weg, verstop mijzelf en oefen totdat ik het voor elkaar heb en kom er dan mee naar buiten: ‘Kijk, ik kan het.’’

In hetzelfde nummer van Interview stond ook een uitgebreid gesprek met Brian Eno, die vlak na het overlijden van Bowie het volgende op zijn Twitter-account plaatste: